Maak eerst een eenvoudige driehoek
Plaats de twee luidsprekers ongeveer even ver van elkaar als van de luisterplek. Zorg dat tweeters op oorhoogte staan en beide kanten zoveel mogelijk dezelfde directe omgeving hebben. Een kast naast één luidspreker en een kale wand naast de andere trekt het stereobeeld scheef.
Schuif vervolgens in kleine stappen. Dichter bij de achterwand geeft vaak meer laag, maar kan bepaalde tonen ook laten dreunen. Tien centimeter verschil is soms duidelijker hoorbaar dan een nieuwe kabel of accessoire.
Luister naar problemen, niet naar specificaties
Stemmen trekken opzij
Controleer symmetrie, kabelpolariteit en gelijke afstand tot de luisterplek.
Bas blijft hangen
Vergroot de afstand tot hoek of muur en verplaats ook de stoel iets naar voren.
Hoge tonen worden scherp
Verminder kale reflecties tussen luidspreker en oor met gordijn, kleed of stoffen meubel.
Meetlint vóór equalizer
Digitale correctie kan nuttig zijn, maar lost een slechte basisopstelling niet volledig op. Begin met gelijke afstanden, stabiele standaards en een realistische luisterplek. Gebruik daarna eventueel een eenvoudige meting om hardnekkige pieken te herkennen, niet om iedere kleine afwijking glad te strijken.
Ook hoofdtelefoons hebben context nodig
Een hoofdtelefoon omzeilt de kamer, maar niet de luistervermoeidheid. Neem pauzes, houd het volume gematigd en vergelijk een mix af en toe op kleine luidsprekers. Wat op één systeem spectaculair klinkt, kan elders uit balans zijn.